• info@pedalenenverhalen.nl

Ikschrijfhetje

Lou (CBGB 6)

(over hoe een Nederlands bandje op het legendarische podium van CBGB in New York terecht kwam)

De vlucht vanuit Amsterdam verliep zonder problemen. Gelachen hebben we om de derderangs Oezbeekse films die ons tijdens de vlucht werden voorgeschoteld. Opvallend daarbij was de keuze om de films te voorzien van nasynchronisatie in plaats van ondertiteling. Nasynchroniseren an sich is niet zo zeer bezwaarlijk, ware het niet dat alle stemmen werden ingesproken door één en dezelfde man. Ik maakte me een voorstelling van deze man en zag een noeste Oezbeek voor me. Zo ééntje met eelt op z’n handen. Veel lichaamshaar, zware baard, overgewicht en een bontmuts gemaakt van de pels van een marter. Iets anders was moeilijk voor te stellen bij het horen van zijn lage ’Barry White-stem’.

We hadden met Lou afgesproken om direct na aankomst in New York naar Lexington Avenue te komen om elkaar daar in het advocatenkantoor, waar hij als ’associate’ werkte, te treffen.

Terwijl Staffhorst en Aars koers zette richting Brooklyn, gingen Joost en ik op zoek naar het advocatenkantoor aan de Upper East Side in Manhattan.

In de lobby aangekomen wachtte ons een zee van glimmend marmer die Joost en mij een zelfbeeld voorspiegelde die niet paste bij het kantoor. Een eenzame bewaker volgde ons vanachter een desk met zijn geïnteresseerde blik. De mode van die tijd had ervoor gezorgd dat we beiden in spijkerbroeken liepen die meer gaten dan spijkerstof kenden. De haveloze-look. Toen we de man naderden, vroeg hij ons op vriendelijke toon of hij ons van dienst kon zijn. Ik vertelde hem dat we een afspraak met Lou hadden. Na een kort telefoontje gaf de bewaker ons de juiste verdieping en wees ons de lift.

Ook de lift had een indrukwekkend marmeren uitstraling. We vlógen naar de 36e verdieping.

De liftdeur ging open en we liepen de gang van het advocatenkantoor binnen. Tas over de schouder. En daar kwam Lou aangelopen. Klein, gedrongen, kaal, maar in een maatpak van heb ik jou daar! Ik kende hem alleen als Lou in Bermuda broek. Van zijn overmatige lichaamsbeharing, die hem in Mexico zo uit de menigte deed springen, was in dit pak niets te zien. Zijn drie-dagen-baartje was ook verdwenen. Lou zag er gelikt uit.

Lou liet niets merken van enige afkeuring van onze gehavende spijkerbroeken en sjofele voorkomen. Hij groette me hartelijk, stelde zichzelf aan Joost voor en vroeg ons of we interesse hadden in een rondleiding door het kantoor.

We hadden interesse.

Lou liet ons de werkplekken zien, het uitzicht en last but not least, de vergaderkamer van de partners. Een echte Hollywood-advocaten-kamer met centraal daarin een reusachtige ovale tafel met wel 50 leren stoelen aan weerskanten. Een groot raam dat de gehele lengte van de kamer besloeg en een adembenemend uitzicht voorschotelde. Dit was geen lullig advocatenkantoor. We mochten even gaan zitten. Met onze vingers maakten we vette strepen over de blinkende zwarte tafel. Ik schreef Yam Yam in vingervet. Grote kans dat Lou na ons vertrek onze gangen met de fles glassex in de hand is nagelopen.

Ik verdacht Lou er inmiddels ook van even snel al zijn collega’s de deur uit te hebben gewerkt want gedurende de hele rondleiding hebben we geen vierde persoon in het kantoor gezien.

Na ongeveer een kwartiertje hadden we het wel gezien en verlieten we Lexington Avenue met de sleutel van Lou’s appartement in Upper Manhattan op zak.

In het appartement aangekomen, bleek dat Lou alle voorbereidingen had getroffen voor onze komst. Er lagen twee matrassen in de woonkamer en 7 briefjes plakten aan de deur van de koelkast. Op één ervan stond dat we Lou niet vaak zouden treffen. Hij kwam vaak ’s nachts pas thuis van zijn werk en vertrok ’s morgens al weer heel vroeg.

We moesten maar doen of we thuis waren.

Slaapplaats Manhattan (CBGB 5)

[In de zomer van 1996 maakte we in Utrecht kennis met de leden van de New Yorkse band Mer. Nadat we met Yam Yam in hun voorprogramma hadden gespeeld, nodigde de drummer van Mer, Justin Guip, ons uit om twee weken naar zijn studio in Brooklyn te komen om er een plaat op te nemen.]

Even de feiten op een rijtje. Compleet berooid begin ik aan een avontuur in de duurste stad ter wereld. De vlucht er naartoe vertrekt over enkele dagen. We gaan met z’n vieren. Twee man kan in de studio in Brooklyn bivakkeren. Dit zijn Aars en Staffhorst. Joost en ik moeten maar kijken of we ergens een slaapplek kunnen regelen.

Enter probleem twee; onze slaapplaats.

De tijd begon te dringen.

Het geldprobleem was verplaatst naar een nog onbekende dag in de toekomst. Nu was het zaak een slaapplaats te vinden voor Joost en mij. Joost had geen enkel aanknopingspunt in New York dat ook maar het minste vooruitzicht bood op een slaapplek. Ik had er ééntje.

Lou.

Lou was een gedrongen Amerikaan die ik in mijn laatste week in Mexico (nog geen twee weken geleden dus) had leren kennen. Naast zijn wat korte gestalte had Lou wat je kunt noemen overmatige haargroei over zijn gehele lichaam behalve op zijn hoofd; de plek waar je het bij de meeste mensen zou verwachten. Lou was het best te vergelijken met een jonge versie van Danny de Vito. Hij was tevens mijn ’dive-buddy’ in de Mexicaanse badplaats Xpu Ha geweest. Lou en ik hadden er een week lang duiklessen gevolgd om ons PADI-brevet te halen. Toen we het examen beide succesvol hadden afgerond, scheidden onze wegen. Echter niet voordat we elkaar op het hart hadden gedrukt dat, mocht de één of de ander nog eens naar Nederland of New York komen, diegene van harte welkom was, en dat er altijd een bed klaar stond om in te slapen. Natuurlijk niet vermoedend dat ik die optie een week later al zou trachten te lichten.

Ik dook het nummer van Lou op uit mijn nog deels ingepakte koffer en belde hem op. Mocht Lou verbaast zijn geweest dat ik hem al zó snel na ons afscheid nodig had, hij liet het niet merken. Natuurlijk waren Joost en ik welkom in zijn appartement in Manhattan. Het was overigens niet zijn eigen appartement maar die van zijn nicht maar daar zouden we geen last van hebben volgens Lou. Ze was er nagenoeg nooit. Hijzélf bij nader inzien ook niet, voegde hij eraan toe. Hij werkte veel deze tijd om opgelopen achterstanden na zijn vakantie in Mexico weg te werken (Lou werkte als assistent op een advocatenkantoor in Lexington Avenue). We maakte afspraken voor als we in New York waren geland en hingen op.

Er was niets meer dat ons avontuur in de weg stond. We konden vertrekken. Dat zouden we twee dagen later dan ook doen vanaf Schiphol. Staffhorst had goedkope tickets weten te scoren bij Uzbekistan Air….

Een welkome dood

Ontwakende strofen
Op wankelend wit
Lucht vult de kieren
Op zoek naar het licht

Ontvlammende sluiers
Langs draden van hoop
De duisternis kussend
Een welkome dood

(Rust zacht Arno)

Opstaan (gedicht)

           Dekens schuiven

Spitse bergen

Toppen koud

Een schreeuw

Een lokroep

Verzet

Het is

Zo ver

Translate »