• info@pedalenenverhalen.nl

– Blog

Afstappen in de Achterhoek

Buiten valt een broodnodige regenbui waar de vogeltjes, na zo’n lange droogte, maar met moeite raad mee weten. Binnen smeult een gekliefd boomstronkje in de haard. De warmte van het haardvuur maakt me slaperig tijdens het lezen van een dik boek waarvan de schrijfstijl me tegenstaat. Ik heb meer dan eens overwogen om in een ander boek te beginnen maar de dader moet nu eenmaal gevonden worden en dat gaat niet gebeuren als ik het boek wegleg, dus ik lees door. Het slachtoffer is een meisje van 15 godbetert!

We hebben het ondanks alle beperkingen goed hier in de Achterhoek. We zijn op een fijne plek waar we fietsen, wandelen, lezen, schrijven en houthakken. Nicole houdt haar conditie goed op peil door veel te hardlopen. Op mijn beurt probeer ik wat verloren kilootjes terug te vinden en dat lukt me ook vrij aardig moet ik zeggen. 

De Achterhoek ligt er mooi bij

Twee weken geleden hebben we ons laatste radio-interview bij Studio Alphen gegeven waarmee het loempia-avontuur wel zo’n beetje op z’n gat ligt. Dat geldt overigens niet voor ons. Ik ben vorige week begonnen met het bij elkaar rapen van de verhalen die ik voor het blog heb geschreven om ze te gaan bewerken tot een boek. Er zullen foto’s en anekdotes worden toegevoegd, verhalen zullen worden herschreven of verder uitgewerkt. Het boek zal daarom ook voor de trouwste volgers, die alle verhalen op het Pedalen en Verhalen-blog hebben gelezen, de moeite waard zijn. 

En daarmee begint voor ons de reis eigenlijk weer een beetje opnieuw. De verhalen en de foto’s hebben ons de afgelopen week terug naar het prille begin van de reis gebracht, waar we opnieuw met familie, vrienden en buren in de tuin aan de herenweg in Rijnsaterwoude staan; vol verwachting van alles dat komen gaat. Maar met dat verschil, dat we nu weten wat er komen gaat. De komende dagen fietsen we dus van Rijnsaterwoude naar Zevenaar en vandaar verder Duitsland in. We gaan inmiddels bekende onbekenden ontmoeten die we in ruil voor een slaapplaats vertellen over onze dromen. 

Ons is nu, hier in de Achterhoek, de tijd gegeven om af te stappen en stil te staan bij al die bijzondere plekken waar we eerder zijn doorgefietst. Zo nu en dan zal ik jullie hierover verhalen. In de tussentijd zal het boek langzaam maar zeker vorm krijgen.

De boekenboom bij Ruurlo

Hollen en stilstaan

“Ik zou na Bali wel op een andere manier terug willen reizen. Hardlopend terug naar huis vanaf een plek in Europa lijkt me wel wat. En misschien kunnen we daarmee geld inzamelen voor een goed doel.” 

De afgelopen weken bespraken we wat we na Bali zouden gaan doen. Dennis zag het wel zitten om mij per fiets te begeleiden. De grootste uitdaging zou het vinden van een slaapplek zijn. We reizen met de tent, maar het is niet altijd makkelijk een plekje te vinden om te (wild)kamperen. Soms fietsten we tientallen kilometers extra totdat we de geschikte plek gevonden hadden. Als ik verder zou gaan hardlopen wordt dat een ander verhaal. 

En zo fantaseerden we ook over een ander vervoermiddel voor Dennis. Een elektrische bakfiets waar ik in zou kunnen zitten na een etappe hardlopen. Een brommer waar ik achterop kon stappen als het hardlopen genoeg was voor die dag. Een leuk brommertje van een Italiaans merk met zo’n laadbakje erachter waar we misschien wel in zouden kunnen slapen. 

Ook dachten we erover om richting de Balkan te vliegen en daar een ezel met een wagen te kopen, zodat we in de wagen konden slapen; pipo-style. Probleem daarvan is, dat ik harder loop dan de ezel met de pipowagen. Mijn fiets zou dan ook op één of andere manier naar Nederland vervoerd moeten worden, maar daar zouden we ook wel een oplossing voor vinden. 

Sinds januari rende ik af en toe een rondje in de Aziatische warmte. Ik had met onze hardloopplannen immers een doel om voor te trainen. Hoeveel kilometer ik zou kunnen lopen per dag wist ik niet. Maar Spanje als vertrekpunt had ik al in mijn hoofd. We zijn dol op Spanje dus leek dit een logische keuze om vanaf daar naar Nederland te reizen.

Mijn fiets in Nederland krijgen is inmiddels gelukt. Inclusief ikzelf, Dennis en zíjn fiets. Na 13 maanden en 16.460 km trappen waren we in welgeteld 32 uur terug op Nederlandse bodem. Covid-19 stak een stokje voor het eten van de zo begeerde loempia op Bali en het hardloopavontuur daarna. 

We zijn in de achterhoek en verblijven in een prachtige omgeving en een fijn huis. Natuurlijk hopen we dat we een deel van de ideeën nog kunnen uitvoeren, maar veel erger vinden we het voor degene die ziek of eenzaam zijn of economisch zwaar worden getroffen door het virus. 

We proberen fit te blijven en zullen kijken of het mogelijk is om onze plannen op een later moment toch nog uit te voeren. We houden jullie op de hoogte!

Zand tussen de tandwielen

Vorige week hadden we niet kunnen bedenken dat we vandaag zouden zeggen dat we terugkeren naar Nederland. Zeven dagen geleden leek er hier nog niet veel aan de hand. Ja, er waren mensen besmet met het coronavirus, maar er waren er ook alweer een aantal genezen. Per dag kwam er zo maar een handjevol nieuwe besmettingen bij hier in Maleisië. Ons plan om vanuit Spanje naar Nederland terug te fietsen was al niet meer mogelijk gezien de ontwikkelingen in Europa. Dat was helemaal niet erg. Daar hadden we ons al bij neergelegd. Dan blijven we gewoon in zuidoost Azië, dachten we.

Tot gisteren.

Gisteren had ik contact met onze reisverzekering en de Nederlandse ambassade in Kuala Lumpur. Bij de reisverzekering kregen we te horen dat als we vrijwillig in Maleisië blijven, onze verzekering komt te vervallen. De eventuele medische kosten die we hier maken worden dan niet gedekt. De Ambassade verzocht ons dringend terug te keren nu er nog vluchten beschikbaar zijn. Zeker als je visum binnen nu en zes weken verloopt, zo zeiden ze. We riskeren een boete of kunnen in vreemdelingendetentie terecht komen als we met een verlopen visum hier blijven. Ons visum verloopt over vijf weken; tricky dus. Daarnaast wordt er gefluisterd dat als je door de coronamaatregelen het land niet meer uit kunt (bijvoorbeeld omdat er geen vluchten meer gaan) en de quarantaineperiode voorbij is, je binnen een tijdsbestek van 2 weken het land moet verlaten. 

De grens naar Singapore en Thailand is al dicht. Naar Indonesië kunnen we op dit moment alleen nog als we een gezondheidsverklaring hebben uit ons thuisland en een visum (hebben we niet). De keuze waarvoor we staan is dus hier afwachten of terugvliegen naar Nederland.

We voelen ons min of meer gedwongen dat laatste te doen. Dit geheel tegen ons gevoel van logica en gezondheidsrisico in. We stappen deze week, mits de vlucht niet wordt gecanceld, in twee overvolle vliegtuigen (hiep hoi social distancing!), en vliegen van een land met op dit moment 1306 besmettingen naar Nederland waar de teller op 4204 staat. Een moeilijk te rijmen beslissing waarvan we niet weten of het de juiste zal zijn.  

Is dit het einde van onze reis? Nee, zo zien we het niet. Veel mensen hebben een slaapkamer aangeboden, heel lief, en dank daarvoor. We kunnen, zolang we niet mogen reizen, verblijven in een huisje van vrienden. Daar zullen we ons isoleren en zodra dat kan weer op de fiets springen. We zien onze repatriëring dan ook niet als ‘terug naar huis gaan’, we zien het als de volgende tussenstop van onze reis. We zijn op doorreis!

Voor nu willen we jullie bedanken voor alle lieve berichten en steun. We houden jullie op de hoogte!

Het is stil op straat

Het is stil op straat. 

Het enige dat nog flaneert op de Jalan Kota Laksamana in Malakka is de straatnaam zelf. Vanaf 19:00 uur schemert de stilte al langzaam de duisternis in. Het zwart van de nacht mengt zich ongemerkt met het verenpak van de huiskraai die ons allen nog een laatste keer de straat op roept. Huiskraaien raken in paniek als ze geen mensen zien. De paniek zal toenemen want we mogen de straat niet meer op tussen zeven uur ’s avonds en zeven uur ’s ochtends.

De Dutch Square in het hart van Malakka. Uitgestorven

Het verhaal gaat dat er militairen door de stad patrouilleren. In volle uitrusting bewaken zij de avondklok. Onze huisbaas attendeerde ons op de krijgsmannen en gaf direct enkele adviezen over hoe we de soldaten konden afschudden.

“Draag een mondkapje. Daar letten ze op want je wordt naar huis gestuurd als je geen mondkapje draagt.”

“Het beste is om te fietsen als je de stad door wilt. Op de fiets gaan ze je nooit achterna.”

“Als ze je aanhouden, spreek dan Engels. En doe alsof je ze niet begrijpt. Ze spreken nauwelijks Engels en hebben het geduld niet om het je uit te leggen dus dan laten ze je al snel weer gaan.”

“Maak met je handbewegingen alsof je rijst in je mond stopt. Dan begrijpen ze dat je op weg bent om eten te kopen. En dat mag.”

Onwillekeurig moet ik aan de tweede wereldoorlog denken.

In de tweede wereldoorlog gold ook een avondklok. Spertijd. Van acht uur ’s avonds tot vier uur ’s ochtends. Had je een verplichting of een beroep dat je tijdens de spertijd uitoefende, dan had je een Ausweis nodig, een vergunning. Ook dat geldt hier in Maleisië. Reizen kan, maar alleen als je de juiste vergunning hebt. 

Voor ons is het dus voorbij wat fietsen betreft. Onze vergunning is, laten we zeggen, tijdelijk ingetrokken. We staan geparkeerd. Bali lijkt ineens ver weg. Dat is een vreemde gewaarwording. We gaan van een gevoel van absolute vrijheid, die we nu al ruim een jaar omarmen waardoor het onze houvast is geworden, naar totale onvrijheid die ons uit balans brengt. Wat is wijsheid? Blijven of terug naar Nederland? Hier de corona-crisis uitzingen is een prima plan maar wat als het vijf maanden gaat duren? Of langer? 

Naar Nederland vliegen is wat de ambassade ons aanraadt, maar waar moeten we heen in Nederland? En als we een plek vinden, wat dan?

Social media is een zegen en een vloek in onze situatie. We blijven op de hoogte van elke ontwikkeling maar ieder bericht over genomen maatregelen of toenemende beperkingen, roept weer nieuwe vragen op. 

We zijn niet de enigen in deze situatie. We hebben intensief contact met reizigers die net als wij in Maleisië blijven hangen. Ook bij hen heerst onzekerheid. Zoals ook bij de kraaien in de bomen langs de Jalan Kota Laksamana, die maar niet begrijpen waar de mensen toch zijn gebleven.

Het is stil op straat.

Translate »