• info@pedalenenverhalen.nl

– Het Loempia-Avontuur

Warme douche

Zonder het te weten boden mijn zwager en zus ons de eerste nacht een ‘Warmshower’ aan. We moesten er wel 120 km voor fietsen maar dan krijg je ook wat. Bij aankomst wachtte ons stampot andijvie (wij noemen dat in het oosten van het land stimpstamp) met gehaktballen, keihard gebakken speklappen (zoals het hoort) en rookworst. 

’s Avonds komen de buren, Theo en Ine, op bezoek. Ine heeft wat voor ons. Met tranen in haar ogen overhandigt ze me een amulet van Sint Christoffel. Het amulet is van haar vader geweest en hij droeg hem altijd bij zich in de auto. Nu wil ze hem ons meegeven, zodat Christoffel ons kan beschermen tijdens onze reis. De Sint gaat bij de andere gelukspoppetjes die we hebben gekregen, het geeft ons een warm en beschermd gevoel. 

Als we gaan slapen, moet mijn neefje Sem zijn bed verruilen voor dat van zijn ouders. Wij mogen in zijn bed. Hij slaapt bij zijn vader en mijn zus slaapt bij nichtje Indah. Neef Ticho heeft mazzel. Hij slaapt lekker samen met zijn vriendin in zijn eigen bed. 

De volgende dag wordt ons nog van alles aan eten toegestopt en kunnen we op pad.

In Xanten probeer ik mijn charmes in de strijd te gooien om onze tent bij een bedrijf op het gras neer te zetten. Bij het huis naast het bedrijf bel ik aan. De heer des huizes zegt dat er niemand van het bedrijf is en wijst ons op de camping 500 meter verderop. Schijters als we zijn druipen we af en zetten onze tent op bij de camping. Voordeel hiervan is een warme douche en een warm huisje waarin we ’s avonds kunnen zitten. 

Maandagavond bedenken we dat Keulen misschien wel eens onze volgende stop kan worden. We zijn er al eens geweest en vinden het een leuke stad. Laten we dan eens de échte Warmshowers proberen. Ik schrijf, in mijn beste Duits, een stuk of 15 mensen op de Warmshower-app een berichtje. Van de meeste hoor ik niks. Er reageren er een paar afwijzend maar Thomas schrijft ons dat we welkom zijn. In zijn profiel lees ik dat hij 2 keer met de motor naar China is gereden en hij meldt ons dat hij half april op de fiets vertrekt naar Vietnam. We zullen elkaar veel te vertellen hebben. Om 18:00 uur zijn we welkom. De fietsen mogen naar binnen. Dat is immers ons kostbaarste bezit. En we krijgen een rondleiding door het huis. Thomas is naast kok ook antiekhandelaar en restaurateur van meubels. Als je buiten staat zou je niet verwachten wat er binnen allemaal te zien is. Het is een prachtig huis, met mooie spullen. Dennis zou er zó in kunnen. Mij is het net even te vol. Hoe hou je zoiets schoon? 

Thomas en Geraldine (zij nam de foto), twee fantastische mensen

Het welkom is warm. We krijgen wat te drinken en het eten staat al in de oven. Thomas vertelt over zijn Vietnamese plannen, maar hoe zit het dan met zijn vrouw Geraldine? Zij blijft thuis met nog twee vrouwen die een deel van het huis hebben gehuurd. Thomas grapt dat als hij weg is er misschien ook wel vijftien mannen zullen zijn. 

Thomas vraagt naar onze plannen. Wij hebben een globale route, maar verder zien we wel. Thomas heeft alles echt tot in de puntjes uitgewerkt. Hij moet gemiddeld 50 km per dag fietsen om er op tijd te zijn. Hij heeft namelijk afgesproken met een vriend en twee vriendinnen in Vietnam. Samen met zijn vriend Manfred was hij 25 jaar geleden in Vietnam en daar leerden ze twee meiden uit Düsseldorf kennen. Ze hadden een geweldige tijd en zijn bevriend gebleven. Nu hebben ze ergens in april 2020 afgesproken in Vietnam en Thomas heeft besloten om met de fiets te gaan. 

Thomas kan maar niet begrijpen dat wij zo weinig hebben voorbereid. Geraldine, zijn vrouw, vindt juist dát helemaal geweldig. Misschien dat ze daarom niet samen reizen? Wij bewonderen zijn voorbereidingen, maar al die excel-bestanden met kilometers en alternatieve routes die hij heeft gemaakt, zouden ons dan weer benauwen. 

We hebben een hele gezellige avond en slapen even later in een prima bed. 

De volgende dag vertrekken we met de afspraak dat we ons best doen om samen de Pamir highway te fietsen. Wij hebben een voorsprong van anderhalve maand, dus Thomas moet doorfietsen en hier en daar smokkelen met een boot.

In Koblenz kiezen we voor een camping. Er zijn er niet veel geopend rond deze tijd van het jaar, maar de camping aan de Dreieck wel. Als ik me ga melden verteld de dame van de receptie dat het voor 2 personen en een tent 25 euro per nacht is. Ik kijk haar ongelovig aan en vraag haar of daar het opzetten van de tent bij inbegrepen is. Ze lijkt mijn Duits niet te begrijpen. Ik moet 20 euro borg betalen voor de sleutel. Deze kan ik de volgende dag na 9:00 uur weer inleveren. Oei, dan zijn we waarschijnlijk alweer weg. Ik krijg daarop de borg terug en kan de sleutel de volgende dag inleveren bij de schoonmaakster. Zij is er vanaf 7:00 uur. We gaan na een goede nacht slapen Koblenz nog even in en fietsen rond 9:30 uur de camping af. De dame van de receptie zegt dat de schoonmaakster er extra vroeg was voor ons. Dat is mooi, kan ze ook lekker op tijd weer naar huis. 

In Nierstein kunnen we weer via Warmshowers overnachten bij Katharina en haar familie. We mogen de tent opzetten in de tuin. Als we er aankomen doen haar ouders ons direct allerlei voorstellen. De tent in de tuin vinden zij echt te koud. Die optie vervalt. Ze hebben nog een huis, maar dat wordt gerenoveerd. Geen warme douche dus daar. We kunnen bij de oma van Katharina slapen, maar we mogen ook op één van de twee bovenverdiepingen slapen.

Katharina en haar familie. Super lief!

We kiezen voor dat laatste. Wel zo gemakkelijk en gezellig. Ook hier is het supergezellig en doen ze er alles aan om ons welkom te laten voelen. Ik ben zelfs zo brutaal om te vragen of ik de wasmachine mag gebruiken. Het is allemaal geen probleem. Ik app mijn zus en ouders in de groepsapp dat we weer een fijn Warmshower-adres hebben gevonden. Ik app: 

“Wij hebben weer een super adres hier. Heel aardige mensen. Heerlijk eten en goed bed. Morgenochtend zelfs ontbijt.” 

Zus:

”Ohhh jullie slapen er ook?” 

Ik:

”Ja, het is een soort leger des heils” 

Zus:

”Gratis?” 

Ik:

” Ja, net als bij jullie.” 

Het brengt mijn zwager op het idee zich ook aan te melden voor Warmshowers. Zo kan hij de volgende keer als hij in Keulen is even een fiets huren, en met de fiets in de hand een gratis overnachting regelen. 

De app gaat verder.

Zus:

” Zijn er meer fietsers?” 

Ik:

”Nee, ze kunnen er maar twee hebben. Het is bij mensen thuis.” 

Zus:

”Oh dacht serieus dat het een soort leger de heils was.” 

Als we de volgende dag richting Ludwigshaven fietsen, rijden we rond 15:30 uur langs een manege. We zien een mooi plekje en denken allebei hetzelfde. Mijn Duits is het beste van ons tweeën, dus ik mag het woord doen. Het is geen enkel probleem. We mogen onze tent neerzetten en het meisje van de manege wijst ons precies de plek die wij in gedachten hadden. Bij twee tuinhuisjes. Als het gaat regen kunnen we daar nog onder de overkapping gaan zitten zegt ze. Wel wordt de manege om 18:30 uur afgesloten en de volgende morgen om 7:00 uur weer geopend. Geen enkel probleem voor ons.

We sliepen naast de tent. In het linker huisje.

We ontdekken dat één van de tuinhuisjes niet op slot is. Er is genoeg ruimte voor twee slaapmatjes en we kunnen er onze spullen in kwijt. Onze tent is nog nat van onze eerdere logeerpartij in Trechtingshausen (waar we niet hebben betaald omdat we te vroeg waren vertrokken. De receptie was toen nog niet open). We besluiten de tent op de manege wel op te zetten. Zo wekken we de indruk in de tent te slapen. De echte reden is dat hij even moet opdrogen. Het is immers altijd beter om een tent droog op te bergen. In werkelijkheid kraken we het tuinhuis en slapen er prima. Voor 7:00 uur hebben we alles weer strak ingepakt en bedanken de eigenaresse hartelijk voor de kampeerplek.

We fietsen verder…

Schaduwen

Er zijn mensen die stemmen in hun hoofd horen. Sinds enkele dagen ben ik een van hen. Hoewel… Het stemmetje dat mij bezoekt is er maar een. Het is ook niet een stem die diep uit mijn eigen psyche komt en zich dwangmatig openbaart of zoiets, nee, het is een heel duidelijke stem. Het is de stem van Bob van der Houven. Je kent zijn stem want hij doet de VoiceOver van het EO-programma Rail Away. Rail Away is een traag meanderend programma voor liefhebbers van treinen, sporen en stationnetjes langs- of dwars door prachtige natuur. Bob meandert in het programma rustig met de trein mee. Hier en daar stapt zijn stem van de locomotief af en beschrijft hoe een lokaal dorpje in weerwil van synthetische tijden op buitengewoon bewonderenswaardige en standvastige manier nog steeds geheel zelfvoorzienend is door het ijverig en handmatig kaarden van wol.

Die stem hoor ik dus. Zijn woorden bedenk ik er zelf bij. Dat ik juist zíjn stem hoor, komt door de omgeving waarin we fietsen; 1 op 1 een Rail Away decor. 

We fietsen al een poosje zuidwaarts aan de rechteroever van de Rijn. Links en rechts worden de Rijn en wij geflankeerd door spoorbanen. Tegen de flanken van de bergen staan druivenstokken die druiven zullen dragen die op een dag onze glazen zullen vullen. De zon licht er om de paar kilometer een hoog kasteel uit. De ene in nieuwstaat, de andere een ruïne. Het zijn er zoveel dat ik er hier en daar een vergeet te bewonderen. 

Door dit alles kom ik tot een inzicht. Ineens begrijp ik waar de naam Duitsland vandaan komt. Het is een afkorting voor ‘Duizend Kastelen Land’. 

Ik zou zomaar eens gelijk kunnen hebben.

Nederland is overigens niet ver weg. We worden al vanaf Koblenz geschaduwd door de Oranje Nassau, een binnenvaartschip uit Giessenburg. Het schip en wij bewegen met exact dezelfde snelheid in exact dezelfde richting. Volmaakt synchroon onderweg naar verre bestemmingen. Ons tempo is zo griezelig gelijk aan die van het schip, dat ik begin te vermoeden dat de lading van de Oranje Nassau bestaat uit vrienden en/of familie die na ons vertrek de koppen bij elkaar hebben gestoken en een schip hebben gehuurd om ons daadwerkelijk te volgen. En denk nu niet dat ik begin te raaskallen want het is eerder gebeurd. Toen we in 2016 naar de Middellandse Zee fietsten, weken we van de route af om vrienden op een camping  in Die (Frankrijk) te bezoeken. De laatste 10 á 20 kilometer werden we ongemerkt geschaduwd door een zilveren stationwagen (in mijn herinnering een skoda). In de auto zaten Guus en Kane Lentjes die de laatste kilometers naar de camping vanuit de auto hebben gefilmd om ons na aankomst met de beelden te verrassen. Destijds hadden we niets in de gaten gehad maar daar trappen we dus geen tweede keer in!

We kijken wél uit naar de beelden.

Op de voorgrond de Oranje Nassau. Op de achtergrond een van de duizend kastelen.

Luxus Weib

De fiets en onze adem brachten ons naar Berolina Haus in Düsseldorf. Een goedkoop hotelletje aan de centrumring. Bij het inchecken vroeg de receptioniste waar we vandaan kwamen. Ik was vergeten wat fietsen in het Duits was dus vroeg haar naar de vertaling. De jongedame zei dat ze het ook niet wist. ”Ik ben een buitenlander”, zei ze. “Goed dat we elkaar hier treffen”, zei ik. “Twee buitenlanders tezamen”. We kwamen er prima uit.

Nadat we de fietsen achter de poort van het hotel hadden geparkeerd, de fietstassen in de witte kamer hadden staan en een heerlijke warme douche hadden genoten, was het tijd voor het avondeten. We besloten de goede start te vieren met een goedkoop etentje buiten de tent. Aan de Rethelstrasse vonden we een geschikt Italiaans restaurant die een grote lasagne serveerde voor 9,50 euro. Dat leek overeen te komen met onze trek.

En het was daar in dat Italiaanse restaurant dat we Matthias ontmoette.

Matthias is een omgevingsmens van gevorderde leeftijd. Dat wil zeggen dat niet zijn eigen tafel of tafelgenoten zijn aandacht hebben, maar de tafeltjes naast, voor of achter hem.

Zo leren we Matthias kennen als de man die zich niet laat storen door een kind dat aan tafel in een Italiaans restaurant luidruchtige tekenfilmpjes op een iPad zit te kijken. Matthias vindt dat (net als wij) ongepast en treedt op (iets wat wij nalaten). De iPad wordt ingeruild voor een kleurboek (en wij roepen in gedachten hoera). Als Matthias zich na zijn kordate optreden tevreden omdraait zoekt hij bevestiging voor zijn handelen in ons oogcontact. Zowel Nicole als ik kijken buitengewoon bevestigend. Vermoedelijk leest Matthias meer in ons beider oogopslag. Hij zal iets van een aanmoediging hebben gezien want hij draait zijn stoel onmiddellijk een achtste slag richting ons tafeltje en we maken contact.

Wat we toen nog niet wisten, was dat Matthias er verstandiger aan had gedaan om zijn vrouw en schoonzus voor die avond thuis te laten. 

Matthias besloot de rest van de avond namelijk met ons door te brengen. Onze reis trok zijn aandacht en we waren bovendien Nederlanders. Dit bleek een perfecte combinatie die een betoverende uitwerking leek te hebben op Matthias. De betovering liet ook zijn Spaghetti koud worden.

We hadden veel te bespreken. Om te beginnen was daar het Beach Hotel in Noordwijk. Hij bezoekt het jaarlijks en het toeval wil dat wij er precies 10 dagen geleden ook waren. Van het een kwam het ander. Matthias is culinair recensent bij de Rheinische Post en tipte ons zijn favoriete restaurant in Noordwijk (Bij Raggers), roemde de oesters uit Ierseke en de terrasjes in Middelburg. 

Toen Nicole liet weten dat ze uit Zevenaar kwam, vertelde hij prompt over de tijd dat hij als jonge jongen smokkelwaar de grens bij Elten over bracht. Met boter en eieren verstopt onder zijn jas fietste hij de grens van Nederland naar Duitsland over. Met weinig risico want als de smokkelwaar werd ontdekt, knepen de grenswachters steevast een oogje toe.

Ondertussen begon de vrouw van Matthias (hij noemde haar een ‘Luxus Weib’) hem aan zijn mouw te trekken. Ze vond dat het tijd was om weer gezellig aan zijn eigen tafeltje te doen, en dat hij moest ophouden ons verder lastig te vallen. Toen we Matthias en zijn vrouw zeiden dat we het helemaal geen probleem vonden dat hij met ons zat te kletsen, was het schaap over de dam. In het volgende halve uur bespraken we het werk en de vakanties van Matthias en zijn ‘Luxus Weib’ in Nederland. We bespraken de diverse redenen van het drinken van Fanta en hij vertelde ons de geschiedenis van de Italiaanse nering van onze toevallige ontmoeting (een week geleden had de eigenaar iedereen de zak gegeven, twee bedienden konden blijven en Simone, de schoonmaakster, werd de nieuwe kok. Nu is het eten, volgens Matthias, beter dan ooit. En toegegeven, de lasagne was voortreffelijk).

Het was een heerlijke avond met Matthias. Toen we vertrokken gaf hij ons zijn visitekaartje en stond erop dat we contact met hem zouden opnemen als we ooit hulp nodig hadden in Düsseldorf. Zijn schoonzus en ‘Luxus Weib’ leken opgelucht toen we vertrokken. 

Oude en nieuwe herinneringen

Dennis:

We hebben ons twee dagen van huis getrapt en onderweg vind ik een handvol onverwachte herinneringen terug. Dicht bij huis schenk ik er nog nauwelijks aandacht aan omdat daar de herinneringen vers zijn en voor het oprapen liggen. Ik smijt ze aan de kant en fiets er dwars doorheen. 

Iets verder weg van huis, en van het heden, klampen de herinneringen zich stevig vast aan mijn zware bagagedrager. Toch maken ze het fietsen stukken lichter.

Midden in de nieuwbouw van de Leidse Rijn zie ik een oude boerderij die ik herken. Hij hoort daar niet want nergens zijn nog graslanden te zien noch vee of akkers. De akkers, het vee en de graslanden hebben plaats moeten maken voor nieuwbouw en ontwikkeling. Toch is het die ene misplaatste boerderij die mij doet beseffen waar ik fiets. De Rijn links en die boerderij op een steenworp afstand van de kade, laten me een lang verdwenen weggetje zien. Een smal weggetje dat mij en Bastiaan Staffhorst naar een tennisveld brengt. We hebben er een seizoen getennist maar onze voetstappen zijn nu diep opgeborgen; net als onze tennisrackets.

Als we daarna door de Vleutenseweg fietsen zie ik vroege vrienden op HKU feesten of in studentenkamers waar we samen tot in de late uurtjes plaatjes draaien en bier drinken. Mike, Joost, Ryan en Bas. Ik wijs naar de plekken die horen bij grenzeloos plezier en neem Nicole mee naar de mooiste momenten uit die tijd.

Even later, in de buurt van De Bilt zie ik een statig wit landhuis waar ik in de vorige eeuw met mijn eerste band Yam een radio-optreden had. Ik wijs ernaar en vertel Niek over het optreden.

In Woudenberg zie ik een bloemenzaak waar ik nooit bloemen kocht maar wel twee draaitafels die ik later voor veel geld heb doorverkocht op marktplaats. 

Nicole:

Ik woon al 17 jaar niet meer in Zevenaar. Ik heb er niet veel mee, ook nooit gehad. Wat ik er wel heb is lieve familie en vrienden. Op zondagmorgen worden we door hen uitgezwaaid. We rijden samen met mijn neefje Sem, Guus, Manon en Hilde naar Oud-Zevenaar, om Esther en Pino gedag te zeggen. Sem en Guus haken hier af en wij vervolgen onze weg richting Babberich. Hier ging ik vroeger geregeld dansen in Display met Manuela. De discotheek bestaat al jaren niet meer en heeft plaats gemaakt voor appartementen. De vriendschap met Manuela bestaat nog altijd, nu al 33 jaar. 

Via landhuis Halsaf (het verhaal ging dat als je je hoofd door de kleine raampjes van het landhuis naar binnen stak, dan werd ie eraf gehakt) rijden we naar de Duitse grens om daar Elten in te fietsen. In mijn jeugd reed ik daar paard met mijn zus. Mijn vader bracht ons er vier keer(!) per week naar toe. Toen, als kind, vond ik dat de normaalste zaak ter wereld. Nu denk ik daar anders over. 

In Elten rijden we door het centrum. Ik heb Dennis eerder al eens verteld dat ik vroeger met Manuela de Elterberg op fietste, om er daarna met een noodgang vanaf te fietsen om een ijsje te eten bij de Italiaan. Dennis vraagt zich af of die open is, maar helaas. Nou had hij ’m ook niet verdient, want hij was de Elterberg niet op gefietst.

Vroeger heb ik veel bij Manuela thuis op de boerderij gelogeerd. Tegenover de boerderij stond de Clubmühle en die staat er nog steeds. Destijds werd ie gebruikt als bordeel. Wij vonden het maar wat spannend om er steentjes tegen de ramen te gooien. 

Als we in Emmerich aankomen nemen we afscheid van Manon en Hilde en fietsen Dennis en ik samen verder. 

De bekendheid van het terrein neemt per kilometer af. We fietsen langs onbekende wegen waar ontelbare herinneringen liggen, alleen het zijn niet de onze. Dan verschijnt er een eenzame fietser naast ons en vraagt waar we heen willen. We noemen de plaats waar we naartoe onderweg zijn. De Duitse man neemt ons vervolgens mee naar een landweggetje dat ons, prachtig meanderend en autoloos, naar onze tijdelijke bestemming brengt. De zon is erbij als de man verteld over zijn dochter in Beieren. Zo maken we samen alweer nieuwe herinneringen.

Translate »